Weleveld

Op deze pagina vindt u informatie over Weleveld.

Ligging Weleveld lag in de buurt van Zenderen.
Ontstaan Weleveld wordt indirect reeds vermeld in een acte van Poncianusdag 1206.
Geschiedenis In 1244 wordt een Godfried van Weleveld genoemd en mogelijkerwijs huwde zijn erfdochter met de Heer van Ruinen. Deze was leenman van de Bisschop van Utrecht, die op zijn beurt weer leenman was van de Keizer van het Heilige Roomse Rijk. Het bezit van Van Ruinen werd verdeeld onder zijn zonen waarbij de tweede zoon, Otto, het Twentse grondbezit verwierf, beter gezegd daarmede werd beleend door de Heer van Ruinen Deze belening zal nog vele eeuwen voortduren. Otto noemde zich voortaan Otto van Welvelde. Hij en zijn broer Bernardis bouwden het eerste huis in 1300 zoals moge blijken uit de volgende aantekening van een van de Van Hambroecks, eigenaars van Weleveld van 1715 tot 1819.

"Anno 1750 is de oude toorn zinde geboud Anno 1565 afgebrooken en terwijl deselve zeer vervallen en in gevaar stond van in te storten en dien hoek Weder nieus is opgemetselt. Waer wij booven de Deur hebben laeten setten het hier gevonden Waepen van de Besitteren Des huijses Welvelde, Waer in te sien is Dat eenen Bernardis, Johannis en Otto van Ruijnen de eerste stigters van dit Huijs geweest zijn, Dewelke hetselve hebben beginnen te Bouwen Anno 1300 welke Heeren van Ruijnen in Drente de Naem van Welvelde hebben aangenomen."

De steen staat nog vermeld in een brief uit 1907, waarin ene Tisse aan de amateur archeoloog Snuif schrijft dat de steen als stoep dient bij een boer in Zenderen.

Hoewel niet moet worden uitgesloten dat voor 1300 op de huisplaats reeds een eenvoudig bouwsel heeft gestaan, een spieker, en ook de naam Weleveld eerder voorkomt wordt bij ontstentenis van concrete aanwijzingen 1300 als stichtingsdatum genomen. Daarmede is het een van de drie oudste havezates in Twente. De plek waar de eerste havezate wordt getimmerd, om de terminologie van die dagen te gebruiken, placht men Wolfsveld te noemen en dat wordt verbasterd tot Weleveld, Wellfelt of Welvelde. De wolf leeft voort in het wapen van de Welevelds dat bovenaan een gouden veld vertoont met een rode wolfskop. De onderste helft heeft drie zilveren rozen op een blauw veld. Ter gelegenheid van het 700 jarig bestaan is dit wapen bij de grenzen van het huidige landgoed geplaatst.

De plaats van de havezate is zeker niet willekeurig gekozen. Het huis staat op het snijpunt van de Bornse beek en een van de weinige goed begaanbare Oost-West verbindingen uit die tijd door Twente. Het kasteel krijgt hiermede naast behuizing van de eigenaar van Weleveld en administratief centrum ook een militaire functie. Er wordt tol geheven, zowel op de weg als op de beek. Zodoende moesten de daar passerende potten en zompen geladen met turf en andere goederen ook tol betalen. Het tolrecht werd in 1914 afgekocht.

Weleveld gaat een bloeiperiode tegemoet en ontwikkelt zich tot een van de belangrijkste havezaten van Twente. Eerst onder de diverse generaties Weleveld en, na het overlijden van Johan III van Weleveld in 1521, onder erfdochter Anna en haar afstammelingen uit het huwelijk met Sweder Schele. Hij kwam van de Schelenburg, een waterburcht iets ten oosten van Osnabruck, die heden ten dage nog steeds door afstammelingen van het geslacht Schele bewoond wordt. Op de binnenhof, rechts naast de buitendeur van het restaurant is een steen ingemetseld met daarop de volgende tekst:

ANNA VAN WELVELDE & SWEDER SCHELE

Zij resideerden wisselend op de Schelenburg en Weleveld, hoewel het laatste in principe door een "amptman" werd beheerd. In 1541 werd begonnen het oude huis door een nieuw te vervangen. Anna overleefde haar man en werd in 1547 nogmaals door de heer van Ruinen met Weleveld beleend. Dat is derhalve bijna 250 jaar na de eerste belening.

De zoons Caspar en Christoffel deelden de ouderlijke bezittingen. Caspar kreeg de Schelenburg en Christoffel Weleveld. Hij en zijn broer hadden in Wittenberg gestudeerd en namen daar de Nieuwe Leer van Maarten Luther aan. Als gevolg daarvan werden in Borne priesters aangesteld van de Lutherse leer. Dit brengt Christoffel in conflict met Den Haag waar men vanuit de calvinistische levensovertuiging de Luthersen niet streng genoeg vindt.

Hoewel Christoffel probeerde neutraal te blijven werd hij gerekend een vijand te zijn van de Spaanse koning. De 80 jarige oorlog had trieste gevolgen voor de havezate. Het huis werd beurtelings door Spaanse en Staatse troepen bezet en zwaar gehavend. Daarbij ging het huisarchief verloren. Christoffel en zijn familie weken langdurig uit naar Osnabruck. Na hun terugkeer in 1596 werd het inmiddels alweer ingestorte huis herbouwd en verfraaid.

Christoffels oudste zoon, Sweder Schel to Welveld end Welbergen, 1569-1639, heeft gedurende meer dan vier decennia een dagboek bijgehouden en wel van 1591 tot 1637 met een onderbreking van 1623 tot 1629. Dit dagboek, dat 1822 met een zeer kriebelige hand beschreven pagina's telt, is eerst enige jaren geleden herontdekt en door Mr. Adri de Bakker in leesbaar schrift omgezet.

De geschriften vallen in drie delen uiteen:
In het eerste deel van 676 bladzijden verhaalt hij de geschiedenis van de familie Schele. Het tweede gedeelte, dat 256 pagina's omvat, is een chronologische huiskroniek lopend van 1591 tot en met 1623. Het derde deel, niet minder dan 890 bladzijden, vangt aan met Pasen 1629 en eindigt in 1637, twee jaar voor zijn overlijden. Voor meer informatie over deze hoogst interessante kroniek moge worden verwezen naar het boek Gott betert desen tidt van Drs. Dick Schlüter.

Sweder had 10 kinderen; 7 uit zijn eerste huwelijk met Reinera van Coeverden en drie uit dat met Anna Brawe uit het Duitse Eemsland. De belangrijkste uit het eerste is Gossen Heiderijk, die hem op Weleveld opvolgde en uit het tweede Rabo Herman Schele van Weleveld, 1620-1662. Deze laatste, die het eveneens aan zijn vader toebehorende Welbergen erfde, was geleerde en staatsman en woonde in die capaciteit de vredesonderhandelingen in Munster bij.

En hoe verging het Weleveld na dit hoogtepunt? Helaas is dat een verhaal in mineur. De nakomelingen van Sweder raakten in kostbare processen over de erfenis verwikkeld en toen in 1706 de laatste mannelijke Schele van de Weleveldse tak overleed was Weleveld zwaar met schulden beladen. Het resultaat was dat zijn zusters, die in armoede moesten verder leven, in 1715 Weleveld in het openbaar lieten verkopen. De koper was Adolph graaf van Rechteren van huis Almelo.

Helaas hebben zich bij de verkoop onregelmatigheden voorgedaan en daardoor beschouwde Lambert Joost baron van Hambroeck zich ook eigenaar. Het resultaat was een jarenlange litige, die uiteindelijk in 1720 door Van Hambroeck werd gewonnen. Eer het proces had uitgewezen wie de koper was heeft Van Rechteren "een groot bouwhuis, staande op de Plaats doen afbreken en naar Almelo vervoert". Het huisarchief van Weleveld werd ook naar Almelo overgebracht en zo heeft dat eeuwenlang op Huis Almelo gastvrijheid genoten tot het door het Archief in Zwolle is overgenomen.

Van Hambroeck, wiens moeder een Van Welvelde was, restaureerde het inmiddels weer geheel vervallen huis en legde grote tuinen aan; kortom hij stak veel geld in het landgoed. Uit de tijd van Lambert Joost dateren ook de twee prenten van Spilman -getekend door Pronk- waardoor we een idee hebben hoe het huis er uitgezien heeft.

In 1789 komt met de dood van Robert van Hambroeck, de oudste zoon van Lambert Joost, het huis leeg te staan. Het wordt nog enige jaren verhuurd, maar in 1804 is het gedaan met het huis en wordt het voor de sloop verkocht. Alleen een stuk gracht herinnert dan nog aan de eens zo machtige havezate.

De afbraak was uitermate grondig want bakstenen en Bentheimersteen waren in die tijd schaars bouwmateriaal. Ergens onder een boerderij bij Wierden schijnen de fundamenten uit Welevelder Bentheimersteen te bestaan. Enige grotere fragmenten, een met het opschrift FESTINA LENTE (Haast U langzaam), werden gevonden bij het heruitgraven van de gracht in 1994.

Het landgoed wordt in 1819 door de Van Hambroecks verkocht aan de familie Dikkers, die begin 20e eeuw failliet ging. Op de openbare verkoping in juni 1908 koopt Mevrouw C.M. Hänisch-ten Cate Weleveld. Door verdere aankopen in 1909 en 1910 wordt het landgoed uitgebreid tot ruim 150 ha. De huidige eigenaresse, Drs.C.M.Kwint-Hänisch ten Cate, woont sedert 1998 op het nu 140 ha omvattende landgoed in het "Jachthuis". Deze naam is ontleend aan de bij het gebouw horende jachtkamer uit de periode Dikkers.

Bewoners Zie hierboven.
Huidige doeleinden Zie hierboven.
Toegankelijk Zie hierboven.
Foto's Foto 1 (steen Festina Lente)
Foto 2 (restanten, 6 maart 2004)
Foto 3 (restanten, 6 maart 2004)
Foto 4 (restanten, 6 maart 2004)
Foto 5 (restanten, 6 maart 2004)
Foto 6 (restanten, 6 maart 2004)
Foto 7 (restanten, 22 januari 2005)
Foto 8 (restanten en de gracht, 22 januari 2005)
Tekening 1
(vergezicht)
Tekening 2 (achterkant, pentekening van J. Bosch, 1759)
Tekening 3 (voorkant, anoniem, 1729)
Tekening 4 (voorkant, H. Spilman)
Bronnen Tekst: http://www.weleveld.com/
Foto 1:
http://www.weleveld.com/
Foto's 2 t/m 6: via Albert Speelman
Foto's 7 en 8:
Peter van der Wielen (zijn collectie is in bruikleen bij de NKS)
Tekening 1:
http://www.weleveld.com/
Tekening 2: Overijsselse buitenplaatsen / H.W.M. van der Wyck, J. Enklaar-Lagendijk, 1983; ISBN 9064696179
Tekeningen 3 en 4: via Albert Speelman

Zie ook http://kastelen.startpagina.nl!